Verschillende regio's, verschillende voorkeuren

Per streek zijn er voorkeuren voor een bepaalde haring of manier van consumptie. Zo houdt men in Amsterdam van een grotere, doorgerijpte haring, die in stukjes wordt gegeten met zuur. In het noorden geeft men de voorkeur aan middelgrote haring, maar dan wel lichtgezouten. In Rotterdam eet men het liefst een kleine, lichtgezouten haring en in Noord-Brabant houdt men van kleine, lichtgerijpte haringen.

In Duitsland en Oost-Europa houdt men van wat zoutere haring dan in Nederland. Dit is vanuit de historie goed te verklaren. De haring werd aan boord gepekeld en in de landen aan de kust direct bij aankomst geconsumeerd. Om de haring te conserveren werd deze in pekel vervoerd naar het binnenland. Hoe langer men onderweg was, hoe zouter de haring werd.


Amsterdamse Maatjesharing