Vangst Hollandse Nieuwe

Ieder jaar word er eind mei en/of begin juni maatjesharing gevangen. Dat gebeurd in deze periode omdat de haring dan het hoogste vetpercentage bevat. Zodra de haring minimaal 16% vet bevat mag hij als Hollandse Nieuwe op de markt worden gebracht.

Om Hollandse Nieuwe te mogen heten, moet de haring op de traditionele Hollandse manier verwerkt, gerijpt, gezouten en gefileerd zijn. Tot september mag maatjesharing Hollandse Nieuwe worden genoemd. Daarna alleen maatjesharing.

 

In augustus, september en oktober vormt zich hom en kuit in de haring voor de voortplanting. Dit gaat ten koste van het vetgehalte. De haring is in het najaar en de winterperiode perfect geschikt voor de zure haring en rolmops. De kuit van de haring wordt voor een deel verkocht aan Japan, waar het als een echte delicatesse wordt beschouwd. Alle haring wordt na vangst ingevroren. Hierdoor kan de maatjesharing en gemarineerde haring het gehele jaar als ‘vers’ product aan de liefhebber worden aangeboden.